Een mooie sigaar op z’n tijd is een waar genot.

Inmiddels heb je de goede sigaar in je bezit, en nu?

Veel mensen denken dat de juiste manier om een sigaar

te roken is om het ene uiteinde in brand te steken om

vervolgens te inhaleren aan het andere uiteinde.

Maar er komt iets meer bij kijken én wij gaan het je vertellen!

 

knippen

Sigaren hebben één open uiteinde, dit is het deel waar de rook naar buiten komt. Om een sigaar te kunnen roken moet je de sigaar knippen aan de dichte zijde: de dop. Het knippen van een sigaar doe je met een ‘cutter.’ Probeer als uitgangspunt ongeveer 2 millimeter van

de dop af te knippen. Zaag niet op of langs de kop lijn maar knip de sigaar in één keer door!

aansteken

Neem voor het aansteken van een sigaar even de tijd. Voor een beginneling kan het best lastig zijn. Lucifers of aanstekers  zijn prima, maar zorg ervoor dat de zwavelkop is verbrand voordat de vlam in de nabijheid komt van de sigaar. Zo ontstaat er geen afbreuk aan de smaak van de sigaar. Controleer om te zien of hij gelijkmatig brand.

asbak

Een speciale asbak voor sigarenrokers? Traditionele asbakken zijn vaak te klein en/of te ondiep zijn. Daarnaast gebeurd het roken van sigaren meestal in het gezelschap van anderen. De meeste genieters willen ongestoord kunnen roken en niet tussendoor de asbak moeten legen omdat deze vol zit én daarom zijn er speciale sigarenasbakken!